Web
Analytics

Dochter van een worstelaar

Mevrouw V.

We zijn op bezoek bij mevrouw V.  in het kader van het beter leren kennen van de bewoners. Als trainer begeleid ik de zorgmedewerkers in het voeren van deze gesprekken. Mevrouw V is een opvallende verschijning in het huis. Ze is grijs, net als heel veel bewoners, ze loopt achter een rollater, net als heel veel bewoners, ze is af en toe een beetje in de war, net als heel veel bewoners. Maar het opvallende is dat zij heel veel loopt. En nu bewoners niet meer naar buiten mochten, viel dat extra op. Want ze liep haar rondjes, die ze niet meer buiten mocht doen, gewoon binnen! Als ik op de afdeling kom, hoef ik niet lang te wachten tot ze in de gang is! Ik kom haar binnen twee minuten altijd tegen!

Mevrouw V vertelt: ik had twee zussen. Eén ervan is overleden omdat ze een hartafwijking had.Ze vertelt dit heel gemakkelijk, maar zorgmedewerker A en ik voelen de diepte en het verdriet in deze korte mededeling. Het blijft even stil. Dan vervolgt ze: mijn vader was bokser en worstelaar. Als enige van het gezin ging ik in de sportschool van mijn vader judo-training volgen. Mijn vader was aannemer en had daarnaast een sportschool.

Ze spreekt veel over haar vader. Ook als ik haar tegenkom in de gang, vertelt ze vaak dat haar vader bokser en worstelaar was. Daar is ze, zo te horen, heel trots op.

Ze gaat verder: Ik ben getrouwd toen ik 17 was, met de zoon van een kastelein. Deze jongen heeft zoveel ellende gezien met alcohol dat hij nooit een druppel heeft gedronken. En ik ook niet. We konden geen kinderen krijgen en dat vonden we beiden heel naar. We waren erg lief voor onze buurkinderen. Ze mochten ballen bij ons in de tuin en ze konden ook vaak wat lekkers komen halen. Mijn man was kapper en dan riepen de kinderen " ome J. ,kun je me knippen??" En dat deed mijn man en de kinderen hoefden daar heel vaak niet voor te betalen. De kinderen waren dol op “ome J. en tante W.” Zo noemden ze ons. En ons maakte het ook niet uit wat voor huidskleur iedereen had hoor! We waren bevriend met iedereen!  Helaas is mijn man er niet meer, hij is overleden aan longkanker.

Ik heb al 55 jaar een hele goede vriendin , die ik heb leren kennen toen we beiden bij Jamin werkten. Deze vriendin belt me elke dag op.

0
0
0
s2sdefault

Mevrouw S.

Mevrouw S. is in Indonesië geboren.

Ze vertelt: ik ben in mijn leven een aantal keer heen en weer gegaan tussen Nederland en Indonesië. Ik ben geboren in Indonesië en van huis uit sprak ik Nederlands. Ik heb mijn jeugd in Indonesië doorgebracht, maar ben toen ik net wat ouder werd in Nederland gekomen. Mijn man gaf landbouwvoorlichting. Dat was belangrijk. ( ze herhaalt dit tijdens het gesprek een paar keer) Soms werd hij in Nederland geplaatst en dan werd hij weer in Indonesië geplaatst. ( er komt veel nadruk op het woord “geplaatst”) Ik heb wel goed Maleis leren spreken. Kijk, als je bijvoorbeeld zegt : eet smakelijk’ dan zeg je Makan, dat is eten. ( ze wijst hierbij naar haar mond) en selamat , dat zeg je ook als je iemand feliciteert. Maar wij zeggen dan “ eet smakelijk”

Zo leert mevrouw S. ons nog heel veel Maleise woorden. Ze legt het goed uit en maakt er gebaren bij. Ze heeft er zichtbaar plezier in.

Ze vertelt: ik heb een zoon en een kleinzoon. Die hebben allebei dezelfde naam, maar die van mijn zoon kort ik vaak af. Mijn kleinzoon is aan het nadenken over zijn school. Mijn man ging soms naar allerlei andere Indonesische eilanden, om landbouwvoorlichting te geven. Ik ging dan niet altijd mee. Mijn zoon is in Nederland geboren. Ik hou van Indonesisch eten, ik vind rendang erg lekker. Die lemper die jij noemt, die ken ik niet. Ik heb het hier in dit huis naar mijn zin en ik vind A. een fijne verpleger.

A. geeft aan dat we het gesprek gaan beëindigen en verder gaan, maar dan begint mevrouw S. nog een nieuw gesprek, met nieuwe Maleise woorden. Ze heeft het duidelijk naar haar zin, laat zelfs haar koffie koud worden. Ze zit enorm op haar praatstoel. A. had dat eigenlijk niet verwacht, hij ziet nu een andere kant van haar. Hij is zelf duidelijk ook enthousiast geworden na dit gesprek en zegt dat hij dit vaker gaat doen!

Precies waar ik, als trainer en begeleider in de ouderenzorg blij van wordt! Want meer en betekenisvollere gesprekken voeren met ouderen, daar begeleid ik de medewerkers bij.

0
0
0
s2sdefault