Na de vakantie....

Na de vakantie kom ik wvoor het eerst sinds een paar weken weer in de ouderenzorg, waar ik als trainer werk. Ik hoor dat er in de tussentijd drie mensen zijn overleden, meneer K, mevrouw V en mevrouw W. Hoewel het om erg oude mensen gaat, is het toch altijd naar om te horen. Mevrouw W. kende ik alleen van gezicht, ze was er nog niet zo lang.

Meneer K was een vriendelijke man, die erg van lezen hield. Hij had altijd een pak aan en keurige schoenen. Zijn boek nam hij overal mee naartoe en kon lekker zitten lezen, in het restaurant met een kopje koffie. Hij vond het erg leuk dat ik ook van lezen hield. En hij las geen flauwe boeken: allemaal litteratuur. Toen corona uitbrak, sloot het restaurant. Meneer K. was zijn lopie kwijt. Het was heel naar voor hem. Hij liep nu veel over de afdeling en begreep ook niet helemaal waarom dat restaurant maar niet openging. Voor hem, net als voor veel andere bewoners, was de corona-tijd een zware, ook al heeft hij de ziekte zelf nooit gehad. Het deed mentaal wat met hem, dat zijn gewone routine doorbroken werd.

Mevrouw V was een pittige tante. “Ze is ver in haar dementie’, zei de zorgmedewerker, ik vond dat een mooie uitdrukking. Ze liep graag met meerdere rollators. Ze nam dan haar eigen en pakte er onderweg ook één van een andere bewoner mee. Dat was natuurlijk heel lastig. De wielen raakten elkaar en daar werd ze dan boos van. Ze stond zelf niet zo stevig, maar haar karakter was dat wel. Als ze boos werd, kon ze opeens gaan slaan. Ik heb ook wel eens een tand door mijn lip gehad, door een onverwachte actie van mevrouw V. Ze stond in de lift en dacht dat het de wc was. Ik hield de liftdeur voor haar open, en vroeg haar mee te lopen, zodat ik haar naar de wc kon begeleiden. Dat pakte niet goed uit: ik had opeens een knal te pakken. Dan is het goed om te weten dat iemand “ ver in haar dementie” is.

Nu zijn deze mensen er niet meer. Hopelijk hebben ze rust en vrede, ook zonder boeken en rollators.

Dochter van een worstelaar

Mevrouw V.

We zijn op bezoek bij mevrouw V.  in het kader van het beter leren kennen van de bewoners. Als trainer begeleid ik de zorgmedewerkers in het voeren van deze gesprekken. Mevrouw V is een opvallende verschijning in het huis. Ze is grijs, net als heel veel bewoners, ze loopt achter een rollater, net als heel veel bewoners, ze is af en toe een beetje in de war, net als heel veel bewoners. Maar het opvallende is dat zij heel veel loopt. En nu bewoners niet meer naar buiten mochten, viel dat extra op. Want ze liep haar rondjes, die ze niet meer buiten mocht doen, gewoon binnen! Als ik op de afdeling kom, hoef ik niet lang te wachten tot ze in de gang is! Ik kom haar binnen twee minuten altijd tegen!

Mevrouw V vertelt: ik had twee zussen. Eén ervan is overleden omdat ze een hartafwijking had.Ze vertelt dit heel gemakkelijk, maar zorgmedewerker A en ik voelen de diepte en het verdriet in deze korte mededeling. Het blijft even stil. Dan vervolgt ze: mijn vader was bokser en worstelaar. Als enige van het gezin ging ik in de sportschool van mijn vader judo-training volgen. Mijn vader was aannemer en had daarnaast een sportschool.

Ze spreekt veel over haar vader. Ook als ik haar tegenkom in de gang, vertelt ze vaak dat haar vader bokser en worstelaar was. Daar is ze, zo te horen, heel trots op.

Ze gaat verder: Ik ben getrouwd toen ik 17 was, met de zoon van een kastelein. Deze jongen heeft zoveel ellende gezien met alcohol dat hij nooit een druppel heeft gedronken. En ik ook niet. We konden geen kinderen krijgen en dat vonden we beiden heel naar. We waren erg lief voor onze buurkinderen. Ze mochten ballen bij ons in de tuin en ze konden ook vaak wat lekkers komen halen. Mijn man was kapper en dan riepen de kinderen " ome J. ,kun je me knippen??" En dat deed mijn man en de kinderen hoefden daar heel vaak niet voor te betalen. De kinderen waren dol op “ome J. en tante W.” Zo noemden ze ons. En ons maakte het ook niet uit wat voor huidskleur iedereen had hoor! We waren bevriend met iedereen!  Helaas is mijn man er niet meer, hij is overleden aan longkanker.

Ik heb al 55 jaar een hele goede vriendin , die ik heb leren kennen toen we beiden bij Jamin werkten. Deze vriendin belt me elke dag op.